Op en neer
Na 2 maanden op onze honger te moeten blijven zitten was het verlengde pinksterweekend wel gekomen om onze tocht naar Nice verder te zetten. Met 12 wandelaars (Friedeline en Henny moesten deze keer passen) trokken we voor 3 dagen naar Vianden.Na bijna 4 uur rijden kwam de eerste groep net op tijd binnen voor de Check-in in de jeugdherberg gelegen onder het kasteel. Wanneer de late shift uiteindelijk arriveerde werd er geklonken op de hereniging van de groep.
De volgende ochtend liet de service bij het ontbijt de wensen over. Maar niet getreurd, (bijna) alle ingrediënten werden bij elkaar gezocht om een lunch pakket samen te stellen.
Onder een stralende zon en met een aangename wind werd richting Braunlauf gereden, waar omstreeks 10h.45 onze wandeltocht op gang kwam. Mooie landschappen wisselden elkaar af. s’Middags vonden we een rustige eetplaats tussen de ruïnes van een oud kasteel te Burg Reuland. Koen had precies spijt dat ie zijn buislamp niet bij zich had. Na het educatieve bezoekje aan het kasteel en het kerkje even verder op, werd de wandeling voortgezet richting Ouren.
In het dorpje vond Boud het niet nodig dat we in het plaatselijk hotelleke nog iets gingen drinken en dank zij hem waren we die avond net op tijd binnen om te kunnen genieten van een welgekomen warme maaltijd. Na het afwassen bleven we hangen op het terras van de jeugdherberg waar de dranken democratischer geprijsd waren dan die waar we de avond daarvoor hadden vertoefd. Ondertussen werden ook de eerste blaren verzorgd.
De zondagochtend had onze dikke vriend zijn lesje wel geleerd en werd er een dubbel ratsoen als lunch pakket voor onze neus geschoven. Om 9h trokken we dan ook zwaar gepakt richting Ouren waar onze uitdaging kon worden verdergezet. Een beetje verder bij “Les trois Frontieres” was de verrassing groot wanneer Boud en Lief ons tot de orde floten. Een mooi aaneengerijgde speech (zie verder ” het afscheid uit België”)van Boud (met das) vertelde ons over de wandelepisode in België die we nu, aangekomen op Luxemburgs grondgebied, achter ons zouden laten. Lief (met strik) zorgde voor de Champagne. Deze korte feestelijkheid werd afgesloten met het overhandigen van een herinneringsplaatje met daarop het afgelegde wandeltraject in België samen met een geel pomponneke (gefabriceerd door Henny) dat ons er deed op wijzen dat in Luxemburg de geel gekleurde bollen de vertrouwde rood witte streepjes tijdelijk zouden gaan vervangen. Na een laatste blik op de verschillende megalieten konden we eindelijk onze trektocht verderzetten in wat later bleek, geen gemakkelijke opdracht zou worden. Anders dan gisteren werd vandaag meer in het bos gewandeld en bleven we kilometers lang de sentier de l’Our volgen. De blauwe pijltjes met daarop de nog wat onwennige gele bollen leidden ons via golvende rotspaadjes richting Tintesmillen. Ondertussen hadden we ook kunnen kennismaken met de beekparelmossel en een eigenaardig fontein. Zonder gebruik te mogen maken van de sanitaire installatie van de Camping werd na een kleine versnapering berg op en af , verder gewandeld . Na het passeren van een mooi beukenbos werd halt gehouden op een verlaten feestterein. Ons lunch pakket werd aangeproken, de handen verfrist en de dames en heren kregen er zowaar een gratis toilet bovenop. Een uurtje later waren we weer paraat. Marleen begon terug last te krijgen van de zaterdag opgelopen blaren. Hoelang zou ze het nog kunnen volhouden? De macadam wegen die nu de volgende uren onder onze voeten werden geschoven maakte het zelfs niet gemakkelijker. De steile beklimmingen en sterke dalingen die elkaar opvolgden werden ook voor Lief van Erik een beetje te veel van het goede. In het plaatsje Kohnenhaff kon Marleen niet meer verder en samen met Lief hield ze het voor bekeken en gingen ze even verder genieten van een heerlijk drankje. Marleen zou later merken dat het met haar voet niet al te best uitzag. De 10 overgebleven wandelaars trokken verder naar rechts en begonnen aan een zeer steile beklimming die veel zweet kostte. Gelukkig was er boven een bankje waar we eventjes konden uithijgen. Eventjes maar, want de tijd begon te dringen wilden we om 19h.00 aan tafel gaan in de jeugdherberg. Het dalen en klimmen volgden nu elkaar snel op. Vanaf de voet van de Belvédere van Geislay ging het via een verharde weg richting Obereisenbach. Voorbij het einde van het centrum trokken we terug naar links het bos in. Op en af, omhoog en naar omlaag richting Wahlhausen. Het einde was in zicht;.In een haarspeldbocht trokken links het pad op tussen de dichte struiken. Een steile beklimming was de beloning voor wat toch de zwaarste wandeldag van het weekend zou worden. Boven aan de top liepen we verder naar links richting ons Ford buske dat we eerder die morgen daar hadden achter gelaten. 25km wandelen hadden we er vandaag opzitten. Nog redelijk bezweet gingen we met het busje op zoek naar Marleen en Lief. Deze laatste was goed bekomen maar met de voeten van Marleen zag het er niet zo goed uit. Later op de avond zou ze dan ook goed verzorgd worden op de spoeddienst van het ziekenhuis te Ettelbroeck.
Bij aankomst aan de jeugdherberg om half acht konden we onmiddellijk aan tafel en genieten van een meer dan verdiende maaltijd.Terwijl Maurice en Erik samen met Koen en Marleen naar het Ziekenhuis trokken werd er in het thuisfront nog nagekaart over de voorbije wandeltocht, het inkorten van de volgende tochten en over het gebruik van gepast ondergoed.
Maandagochtend werden de koffers weer ingepakt en in de kelder gezet. Om 9h.00 vertrokken we deze keer zonder Marleen naar de startplaats in Wahlhausen waar in de aanvangfase een lange beklimming ons stond op te wachten. Het mooie weer en een ingekorte wandeling tot 16km kon iedereen alleen maar gelukkig maken. Jeanine voelde zich verbonden met het jonge kalfje aan de top van de heuvel. Al dalend konden we terug genieten van de panorama’s. De brem stond weelderig te bloeien. Terug in de bossen zouden we merken dat omgevallen bomen ons pad doorkruisden en dat dit niet de laatste keer zou zijn vandaag.In Stolzembourg werd er halt gehouden op een klein grasperkje voor het middageten.We werden getracteerd op een klein motor/auto ongeval met alleen maar blikschade. Na de pauze stond ons nog wat klimwerk te wachten richting Mont Saint-Nicolas.
Nadat we eerder een bos gepasseerd waren bezaaid met omver gewaaide bomen op het wandelpad en we verplicht waren zelf een uitweg te zoeken doorheen deze chaos, bereikten we rond 15h het immense stuwmeer aan de Mont Saint-Nicolas, het eindpunt van deze driedaagse wandeling. Voldaan en met ongeveer 62 km in de benen reden we na nog een kort bezoekje aan de stuwmeer, terug richting jeugdherberg waar Marleen op een bankje rustig zat te genieten. Na het lessen van de dorst werd terug richting Antwerpen gereden waar om 21h00 aan het verhaal van dit pinksterwandelweekend een einde kwam. 10jaar geleden nog zaten we op pinkstermaandag met z’n allen ook na te genieten van een schitterend Bosschoolfeest. Wie had toen kunnen denken met wat we nu bezig zijn. Het blijven mooie tijden.

Het afscheid van België
Zondag 31 mei 2009
Een nieuwe uitdaging zo noemde de eerste verslagever het toen in oktober 2007 de trek naar Nice via de beroemde GR5 startte.
Van Berendrecht via de Kalmthoutse heide, waar de route werd opgepikt die van Bergen Op Zoom kwam, vertrokken die bewuste dag 8 kloeke stappers om door te stoten tot in Wuustwezel. De start van een jarenlange voettocht was gezet.
Etappe 2 voerde ons op 1 november (nu al met 13) op een bewolkte dag, wel genietend van mooie herfsttaferelen, rond het groot schietveld van Brecht naar ons 2de eindpunt waar het huiswaarts transport reeds klaarstond.
Onze laatste etappe van 2007 op 9 december werd aangekondigd als een zeer waterige dag. Dus iedereen gepakt en gezakt met paraplu’s en regenjassen, zelfs onze nieuwbakken wandelaar die juist een gewicht van zijn voeten had laten doen. Onze tocht voerde langs de abdij van Westmalle via het Loteling boshuisje naar de molen van Pulderbos. Hier moeten we toch aanstippen dat sommige van onze stappers een lichte voorkeur lieten blijken voor zwaar gerstenat.
Zondag 13 januari 2008 zal in de analen blijven bestaan als een miezerige nevelige dag die langs betonbaantjes ons een verscheidenheid van de architecturale kant van ons Belgenland ten toon spreidde. Grote huizen, wansmakelijke villa’s, koterijen en zo veel meer. We hadden wel geluk dat dit alles werd becommentarieerd door een professionel ter plaatse. Op het eindpunt in Noorderwijk krijgen we zelfs een ware Volkswagen T1 fanaat als càfebaas te zien.
De eerste 100km zijn afgelegd
Onze 5de etappe op 10 februari voert ons langs de abdijen van Tongerlo en Averbode waar ook het eindpunt van deze dag gepland was.
Wat onthouden we van deze dag:
1) Sponsering steekt zijn kop op (zwarte sjaal A-pen)
2) In februari kan het al warm zijn, zo’n 14°C
3) Iemand die rechtstaand van de zon kan genieten zonder te vallen
4) De bospaden soms toch modderige poelen kunnen zijn
En als laatste 2 mooie T1 busjes die ons terug naar het beginpunt van de dag brengen waar we alles nog eens doorgespoeld hebben.
Onze laatste winterwandeling op 9 maart stond in het teken van Ernest Claes. Wie De Witte heeft gelezen zal zich de vele plaatsnamen die we vandaag passeerden kunnen situeren. De regen speelde ons heel de tijd wel parten maar uiteindelijk bereikten we via de oude vestingwallen van Diest ons einddoel.
Wegens verlofplanning van enkele wordt de wandeletappe van april vooruitgeschoven naar 30 maart. Schrijvers van deze waren reeds een paar dagen op voorhand naar Diest vertrokken om van dat altijd terugkerend gezaag vanaf te geraken dat we toch nooit op tijd konden zijn.
Via het wandelgebied “Vallei van de Zwarte Beek” konden we genieten van een prachtig stukje natuur om alzo volgens één iemand de mooiste streek van België binnen te trekken. Bij een duizendjarige eik werd nog even een verbond aangegaan volgens een heidens ritueel. Dat de zon niet altijd van de partij kon zijn hebben we deze namiddag wel geweten. Regen ,regen en nog eens regen. Het geluid van de autostrade en de decibels op de omloop van Terlamen deed ons met spijt in het hart terugdenken dat we de stille Kempen verlaten hadden.
Op onze 8ste etappe van deze wandelmarathon trekken we op 10 mei van Bolderberg door de stad Hasselt naar het recreatiedomein De Borggraaf. Sommige hebben wel geluk gehad dat ze s’ morgens langer koffie hadden gedronken anders waren ze geladen als muilezels deze tocht moeten aanvatten. De zon was voordurend van de partij wat dan ook uitnodigde tot verschillende pitstop. Zeg liever plas en drankstops.
De laatste tocht voor de zomervakantie in juni start met het bezoek van enkele religieuze zaken zoals een Maria grot (weliswaar zonder beeld) en het bijwonen van nog een echte onvervalste processie. Langs de sluizen van Diepenbeek trekken we het prachtige natuurgebied binnen van ’De Maten’. Waarna we Genk passeren om alzo weer aan een Maria bidplaats in Wiemesmeer ons eindpunt te bereiken.
Terecht werd de vraag gesteld of we nu toch aan een religieuze tocht bezig waren.
Na 2 maanden rust staat ons eerste wandelweekend 13 en 14 september op het menu. We vertrokken zelfs de avond daarvoor om er toch zeker van te zijn dat ‘s morgens iedereen op tijd aanwezig zou zijn. Om toch al een internationaal karakter aan deze tocht te geven is er besloten om te overnachten in het jeugdhotel te Maastricht.
Via het openbaar vervoer belanden we terug aan onze Maria grot en dan in de regen via een prachtig bosgebied naar de sluizen van Zutendaal. De spreekwoordelijke gastvrijheid van de Limburgers werd ons s’middags nog maar eens tentoongespreid toen we mochten gebruikmaken van een prachtige 1ste klas suite (annex paardenstal) om onze boterhammetjes te verorberen.
Een afwijking van het parkoers werd niet toegestaan om iets te gaan bezoeken want we moesten op tijd de bus hebben. En die was natuurlijk te laat.
Het avondeten dat we in het hotel kregen leek veel op dat we de dag daarvoor ook al hadden genuttigd. Niet getreurd na nog een biertje of een wijntje konden we nog eens zoals het vroeger moest gaan slapen jongens bij de jongens en meisjes bij de meisjes. Zo was het geregeld door de reisleiding.
Onze tweede wandeldag van het eerste weekend begint in een mooi nazomer zonnetje dat ons van Veltwezel naar de eerste berg ( allé heuveltje) brengt. De Sint Petersberg.
Iets verderop nemen we uiteindelijk afscheid van “de Limburg” en wandelen we langs op en neer gaande wegeltjes richting Wonck.
Als uitschieter moeten we hier toch vertellen over dat bizarre vierkante gebouw uit silexsteen met die reusachtige cherubijnen in Eben-Emael.
Dit 1ste weekend werd afgesloten met een barbecue in Zandvliet mede georganiseerd door Mieke.
Na enkele welverdiende nachtrusten staan we eind oktober alweer klaar om eindelijk de omgeving van Luik te ontdekken en we gingen nu slapen in een echt hotel.
40-60-85 waren magische cijfers waar iemand zelfs bepaalde twinkelingentjes in zijn ogen van kreeg.
Door stevige kleigrond, langs weiden met smalle doorgangetjes en verharde veldwegen bereiken we moe maar voldaan ons eindpunt in Saint Rémy.
’s Avonds genieten we van de kookkunst van de plaatselijke Colmar.
De volgende dag vertrekken we richting Olne, sommige onder ons met stijve benen. Op dit traject wandelen we meer door de bossen en weiden met koeien dan over asfaltwegen. Nr. 4711 was weerom nergens te bespeuren.
En zo ging het jaareinde voorbij.
Nieuw jaar, nieuwe geplogenheden.
Voortaan zouden we met twee super de luxe busjes het vervoer heen en weer regelen.
Vrijdag 9 januari vertrokken we zo met een vroeg en een late bus richting La Reid, een gîte voor ons helemaal alleen.
-11°C was een temperatuur waar een normaal mens gezellig bij een haardvuur gaat vertoeven maar wij trokken van Olne over bevroren wegeltjes lang ijspaden terug naar onze gîte weliswaar onder een aangenaam zonnetje.
Na een overheerlijke maaltijd bereid door onze meegebrachte koks en daarbij het nodige vocht kwamen algauw de tongen los. Het ging over blinkende koppekes, allerlei soorten pieten en zelfs hamburgers te paard.
Na een welverdiende nachtrust in onze privé slaapkamer was de zon en de vrieskou alweer van de partij.
Onze paden liepen vandaag over kei smalle weggeskes langs prachtige beekskes met spookskes en een warm waterbad waar we niet in mochten om dan verder klimmend het hoogste punt van ons traject in België te bereiken.
Dit weekend was voor enkele onder ons niet voldoende daar ze op de terugreis nog enkele toeristische plaatsen moesten bezoeken.
Voor ons volgend weekend van 6 tot 8 maart had onze reisleider weeral een gîte voor ons gereserveerd in het château de Wanne. Afdalend en klimmend over besneeuwde paden liepen we Stavelot binnen waar een groot gedeelte van ons gezelschap stiekem op een terrasje iets ging consumeren terwijl ze enkele andere een km verder lieten wandelen. Na de nodige consumpties trokken we alweer klimmend naar ons eindpunt, waar we werden verrast door een koppel jachthoornblazers die aan het oefenen waren aan de rand van het bos in Mont-le-Soie.
Voetnoot: Het is ons opgevallen dat sommige elektronische spullen alleen goed werken als je ze kan aansluiten op het elektriciteitsnet.
Wat we als wandelaars kunnen missen als kiespijn is regen en dat kregen we zondag’s weeral volledig gratis. Niet teveel te gelijk maar juist genoeg om heel de dag toe te komen.
Door al dat slechte weer werd er flink doorgestapt om zo snel mogelijk in Braunlauf aan te komen om iets droogs aan te trekken.
Na het nuttigen van het nodige vocht in een plaatselijk Diekierch café( we waren nog niet nat genoeg) reed iedereen zo waar recht naar huis.
En zo zijn we gekomen aan ons laatste tocht voor de zomer dat tevens onze eerste 3-daagse is.
Totale afstand in België: 393,3 km
18 wandeldagen
Gemiddeld: 21.85km per dag
0 Reacties tot “Etappe 14: Braunlauf – Mont St. Nicolas (30mei–01 juni)”